Geef ons heden ons dagelijks brood

Brood is in onze streken van oudsher een belangrijk onderdeel van de dagelijkse voeding. Brood is voedzaam en bevat een aantal bouwstoffen die het menselijk lichaam ‘broodnodig’ heeft: koolhydraten, eiwitten, vitaminen en mineralen. Met de tijd ging men betere granen gebruiken, voedzamer meel malen en leerde men de werking van gist kennen en verbeteren.

Het bakhuis

Vroeger bakte men thuis zelf zijn brood. In Bierbeek vind je nog tal van bakovens terug in oude boerderijen, zoals de geklasseerde bakoven van het Bordingenhof op de foto hiernaast. Maar ook op plaatsen waar veel mensen en gezinnen samenwoonden. Zo is er het verhaal van de mensen van De Root in Korbeek-Lo, die zich in augustus 1914, toen de Duitse troepen Leuven binnenvielen, gingen verstoppen onder de bakoven.

Zo’n bakoven vroeg wel wat samenwerking: er moesten bussels hout gesprokkeld en aangedragen worden, de oven werd vooraf opgestookt, ondertussen rezen de broden die dan op korte tijd afgebakken werden. Na het brood werd in de warme over nadien krentenkoeken en vlaaien gebakken. Op de zolder, boven de oven werden vaak appels en andere vruchten gedroogd.

In kleine boerderijtjes en in hutten werd het brood meestal op het vuur of in de haard gebakken, vaak in een ijzeren teil. Omwille van de brandveiligheid werd een bakoven meer en meer apart van de woning gebouwd. Tegenwoordig is een oven opnieuw in elke keuken aanwezig maar wordt hij gelukkig niet meer met hout gestookt.

Het broodreglement

Omdat brood, net als bier, natuurlijke schimmels of gisten gebruikt, moest er voldaan worden aan een aantal hygiënische voorschriften. Voor bier vaardigde men in Beieren (Duitsland) al in 1516 een aantal voorschriften uit, het zgn. ‘Reinheitsgebot’. Ook voor brood bestonden zulke regels, o.a. om het bakken van ‘masteluinbrood’ (mengeling van tarwe met goedkopere graansoorten) te ontmoedigen.

Vanaf de industriële revolutie moesten vele arbeiders buitenshuis gaan werken en hadden zij geen tijd meer om zelf brood te bakken. Teneinde de verkoop van broden te regulariseren, kondigden gemeentebesturen een ‘broodreglement’ af. Wij vonden er eentje terug in Korbeek-Lo daterend uit 1826 (zie link hieronder), nog voor de Belgische onafhankelijkheid dus. In het reglement staat een informatieverplichting om een duidelijk bord buiten te plaatsen met de prijzen van de verschillende broodsoorten. Ook moest de bakker verplicht een ‘merkteken’ op het brood plaatsen en een weegschaal ter beschikking hebben om het brood af te wegen. De gemeente kon regelmatig controle uitvoeren op de bakkerij en de ingrediënten en bepaalde een aantal vaste broodprijzen.

Vele variëteiten

Deze ‘vaste’ broodprijs heeft nog lang bestaan maar werd vanaf 2004 vrij. Er bestaan tegenwoordig ook veel meer variëteiten van brood. Wit brood wordt niet meer als de ‘norm’ voor goed brood aanzien. Vele wetenschappers zijn het erover eens dat meer vezelrijke broden gezonder zijn voor de (normale) spijsvertering. De kwaliteit van brood en de ingrediënten worden gecontroleerd door het voedselagentschap.

Ook de ‘bakker om de hoek’, die dagelijks ovenvers brood en gebak aanbood, is grotendeels verdwenen uit het straatbeeld. Steeds meer mensen kopen hun brood in het grootwarenhuis. Of ze bakken hun brood zelf bij hen thuis, net als vroeger...