|
|
Gemeente BierbeekDorpsstraat 23360 BierbeekHet gemeentehuis is open: > van maandag tot vrijdag 9u - 12u > op dinsdagavond 18u - 20u (diensten bevolking en grondgebiedszaken) > op zaterdagochtend 9u - 12u (dienst bevolking) Rechtstreekse link naar infogids 2010-2012
Toeristische info (anderstalig)
|
HET WEER VANDAAG!
DISCLAIMER |
|
|
|
Milieuvergunningen en natuurvergunningen
Milieuvergunningen Natuurvergunningen Meer uitleg over deze verschillende vergunningen vindt u hieronder.
Milieuvergunningen Wie
een inrichting wil exploiteren die hinderlijk wordt geacht voor de mens
en het leefmilieu, is verplicht een milieuvergunning aan te vragen.
Afhankelijk van de aard en de belangrijkheid van de milieu-effecten, is
er sprake van een echte milieuvergunning (klasse 1 of 2) of een
meldingsplicht (klasse 3). Deze klassen (1, 2 of 3) duiden op de
graad van mogelijke hinder voor mens en milieu waarbij klasse 1 de
meest hinderlijke inrichtingen aangeeft. Deze rangschikking gebeurt op
basis van de zogenaamde indelingslijst uit bijlage 1 van titel I van
het VLAREM. Als je dus wil nagaan of een bepaalde inrichting of
activiteit vergunnings- respectievelijk meldingsplichtig is, dan dien
je na te gaan of deze activiteit of een aspect ervan voorkomt op de
bovengenoemde indelingslijst. Als een inrichting valt onder de
toepassing van verschillende indelingsrubrieken behorend tot
verschillende klassen, dan geldt de procedure van de hoogste klasse.
Een
klasse 1-milieuvergunning moet worden aangevraagd bij de bestendige
deputatie van de provincieraad van de provincie waar de exploitatie zal
gebeuren. Voor klasse 2 en 3 moet je je wenden tot het College van
Burgemeester en Schepenen van de Gemeente Bierbeek indien de
exploitatie zal gebeuren op het grondgebied van de gemeente. Voor
veranderingen aan reeds bestaande inrichtingen (dit wil zeggen
uitbreidingen, toevoegingen of wijzigingen) bestaan verschillende
mogelijkheden. In een aantal gevallen is een vereenvoudigde procedure
mogelijk voor klasse 1 of 2-inrichtingen.
- Het gehele
bedrijf is klasse 3 en verandert op dezelfde percelen als waarop de
oorspronkelijke melding betrekking had, waarbij het gehele bedrijf
klasse 3 blijft: de te volgen procedure is de melding van een klasse
3-inrichting.
- De verandering gebeurt op andere percelen als
waarop de oorspronkelijke melding(en) of vergunning(en) betrekking had
(dit wordt een toevoeging genoemd). De te volgen procedure is de gewone
aanvraag van een milieuvergunning klasse 1 of 2.
- De verandering
leidt tot een indeling van de inrichting in een hogere klasse. De te
volgen procedure is de gewone aanvraag van een milieuvergunning klasse
1 of 2.
- De verandering is van die aard dat een bijkomend risico
voor de mens of een bijkomende aantasting van het leefmilieu ontstaat
of de bestaande hinder vergroot. De te volgen procedure is de gewone
aanvraag van een milieuvergunning klasse 1 of 2.
- Het gehele
bedrijf is klasse 1 of 2 en verandert op dezelfde percelen als waarop
de oorspronkelijke vergunning betrekking had door uitbreiding met een
klasse 3-inrichting: de te volgen procedure is de melding van een
klasse 3-inrichting bij een klasse 1 of 2-inrichting.
- Het
gehele bedrijf is klasse 1 of 2 en verandert op dezelfde percelen als
waarop de oorspronkelijke vergunning betrekking had door
uitbreiding/wijziging van de klasse 1 of 2-inrichtingen, waarbij er
geen indeling in een hogere klasse ontstaat noch een bijkomend risico
voor de mens of een bijkomende aantasting van het leefmilieu ontstaat
noch de bestaande hinder vergroot: de te volgen procedure is de
mededeling van een kleine verandering.
Melding van een
klasse 3- inrichting: zie bijgevoegd formulier meldingsformulier inzake
exploitatie klasse 3 inrichtingen (PDF-formaat - 7 blz)
De
melding dient aangetekend verzonden of tegen ontvangstbewijs bezorgd te
worden aan het bevoegde College van Burgemeester en Schepenen. Een
melding kan niet worden geweigerd. De dag nadat de melding werd gedaan
mag de exploitatie worden aangevat. Dit betekent echter geen carte
blanche. Op de inrichting zijn automatisch de algemene en sectorale
bepalingen van VLAREM II van toepassing, in het bijzonder artikel
4.1.1.1: "Behoudens afwijkende bepalingen in de desbetreffende
hoofdstukken is de exploitatie van een in de derde klasse ingedeelde
inrichting slechts toegestaan in zoverre de inplantingsplaats
verenigbaar is met de algemene en aanvullende stedenbouwkundige
voorschriften zoals vastgesteld in het goedgekeurd gewestplan of in een
ander plan van aanleg."
Melding van een klasse 3- inrichting
bij een klasse 2-inrichting: zie bijgevoegd formulier meldingsformulier
inzake exploitatie klasse 3 inrichtingen (PDF-formaat - 7 blz) De
melding gebeurt volgens dezelfde procedure als de gewone melding van
een klasse 3-inrichting, met dien verstande dat ze moet worden
ingediend bij het College van Burgemeester en Schepenen als de gehele
inrichting klasse 2 is, en bij de bestendige deputatie als de gehele
inrichting klasse 1 is. De dag nadat de melding werd gedaan mag de
exploitatie worden aangevat. Binnen de 10 dagen na de aktename krijgt
de aanvrager een afschrift van de aktename.
Aanvraag van een
milieuvergunning klasse 2: zie bijgevoegd formulier
milieuvergunningsaanvraag voor exploitatie of verandering van een
klasse 1 of 2 inrichting (PDF-formaat - 17 blz)
De aanvraag moet
in zevenvoud worden ingediend, aangetekend of bij afgifte tegen
ontvangstbewijs, bij het College van Burgemeester en Schepenen. De
aanvraag moet gebeuren aan de hand van het voorgeschreven
aanvraagformulier. Bij dit aanvraagformulier moeten een aantal bijlagen worden gevoegd zoals:
- een situeringsplan
- 1 of meer uitvoeringsplannen
- het
bewijs van betaling van dossiertaks: 75 euro, op rekeningnr.
000-0059106-33, aan de Gemeente Bierbeek met als mededeling "VLAREM
dossiertaks aanvraag klasse 2"
- eventuele andere stukken die de aanvraag kunnen verduidelijken.
Aanvraag
van een milieuvergunning klasse 1: zie bijgevoegd formulier
milieuvergunningsaanvraag voor exploitatie of verandering van een
klasse 1 of 2 inrichting (PDF-formaat - 17 blz)
De aanvraag moet
in zevenvoud worden ingediend, aangetekend of bij afgifte tegen
ontvangstbewijs, bij de bestendige deputatie van de provincieraad. De
aanvraag moet gebeuren aan de hand van het voorgeschreven
aanvraagformulier. Bij dit aanvraagformulier moeten een aantal bijlagen worden gevoegd zoals: een situeringsplan 1 of meer uitvoeringsplannen het
bewijs van betaling van dossiertaks: 375 euro of 625 euro (indien er
een Milieu-effectenrapport of Veiligheidsrapport vereist is), op
rekeningnr. 000-0059106-33, aan de Gemeente Bierbeek met als mededeling
"VLAREM dossiertaks aanvraag klasse 2" eventuele andere stukken die de aanvraag kunnen verduidelijken. Wordt
het dossier volledig en ontvankelijk bevonden, dan krijg je binnen de
14 dagen hiervan bericht via een aangetekende brief. Als de aanvraag
onvolledig en/of onontvankelijk is, vraagt de vergunningverlenende
overheid binnen de 14 dagen bijkomende informatie en/of deelt je de
juiste bevoegde instantie of procedure mee. Als binnen de 14 dagen geen
schriftelijke kennisgeving is verzonden, dan wordt de aanvraag geacht
volledig en ontvankelijk te zijn, op voorwaarde dat de dossiertaks is
betaald. Vanaf deze dag beginnen de hierna volgende termijnen te lopen.
Hierna worden de nodige adviezen gevraagd en wordt terzelfdertijd
een openbaar onderzoek georganiseerd. Je wordt hierbij uitgenodigd een
bekendmaking aan te plakken op de plaats van de geplande uitbating.
Binnen de 3 maanden neemt het College van Burgemeester en Schepenen een
beslissing en betekent deze beslissing aan de aanvrager binnen 10 dagen
(dwingende termijnen). De beslissing moet aangeplakt worden. Deze
termijn van 3 maanden is 1 maal verlengbaar met 1,5 maand. Tien dagen
voor het einde van de 3 maanden wordt de aanvrager op de hoogte gesteld
van de beslissing tot verlenging. Als er geen beslissing is binnen de wettelijke termijn, is de aanvraag stilzwijgend geweigerd. Tegen
de beslissing is beroep mogelijk bij de bestendige deputatie van de
provincie (klasse 2) of bij de Vlaamse minister van Leefmilieu (klasse
1). Dit beroep moet worden ingediend binnen de 30 dagen na de
bekendmaking van de beslissing:
- voor de aanvrager gaat de termijn in bij de ontvangst van het besluit;
- voor omwonenden en anderen start de termijn vanaf de aanplakking van de beslissing.
Natuurvergunningen Misschien
geniet u tijdens een wandeling graag van onze landschappen, die rij
knotwilgen waarin ginds een steenuiltje broedt, het gekwaak van enkele
kikkers in een poel,… En dan, tijdens uw volgende wandeling, merkt u
plots dat die hele rij prachtige knotbomen netjes in stukjes gezaagd
langs de weg ligt, of die poel vol gestort is met steenpuin… Daarom
moet u, voor u aan zulke werken begint, een natuurvergunning aanvragen.
Indien u dit niet doet, krijgt u een serieuze sanctie. Het wijzigen van
vegetaties en/of kleine landschapselementen (KLE’s) wordt geregeld door
het decreet Natuurbehoud en zijn uitvoeringsbesluiten. Lees meer over
het decreet op: www.mina.vlaanderen.be.
Samengevat komt het op het volgende neer:
- een
aantal wijzigingen van vegetaties en KLE’s zijn verboden: holle wegen,
graften, bronnen, vennen en heiden, moerassen, … eender waar;
- een aantal wijzigingen van vegetaties en KLE’s zijn vergunningingsplichtig:
- kappen,
branden, aanplanten, … in alle natuurgebieden en agrarische gebieden:
zie bijgevoegd formulier natuurvergunningsaanvraagformulier in
PDF-formaat (3 blz).
- een aantal wijzigingen van vegetaties en
KLE’s zijn meldingsplichtig: dit gaat voornamelijk over werken in de
industriegebieden, woongebieden, recratiegebieden,… (de minder
kwetsbare gebieden): zie bijgevoegd formulier natuurmeldingsformulier
in PDF-formaat (2 blz).
Met "vegetatie" wordt iedere
begroeiing (perceelsdekkend) - op een (half)natuurlijke manier ontstaan
of door de mens gecreëerd - bedoeld. De meest typerende vegetaties
zijn: bossen, droge of vochtige graslanden maar ook moerassen,
rietvelden, duinbegroeiingen, enz. De term "kleine
landschapselementen" staat voor de zere bonte verzameling van
alleenstaande bomen, knotbomen, bomenrijen, houtkanten, hagen, holle
wegen, hoogstamboomgaarden, bosjes, bermen, bronnen, poelen, grachten
en hun oevers. Vooral vroeger hadden deze kleine landschapselementen
diverse functies te vervullen. Denk hierbij aan meidoornhagen als
veekering, poelen als drink- en drenkplaats en knotbomen en houtkanten
als leveranciers van brand- en griefhout. Na WO I verloren vele kleine
landschapselementen hun functie en daarmee ook hun bestaansreden.
Prikkeldraad deed zijn intrede, kleine percelen werden samengevoegd tot
één groot perceel. Desalniettemin blijven deze landschapsbepalende
elementen heel belangrijk als verbindingsweg tussen grotere
natuurgebieden.
De natuurvergunningsplicht is van toepassing in volgende gebieden:
- "de groene bestemmingen" op het gewestplan: groengebieden, parkgebieden, buffergebieden, bosgebieden;
- "de
geel-groene bestemmingen" op het gewestplan: valleigebieden,
brongebieden, natuurontwikkelingsgebieden, agrarische gebieden met
ecologisch belang of bijzondere waarde;
- de internationaal beschermde gebieden: EU-Habitatrichtlijngebieden, EU-Vogelrichtlijngebieden, Ramsargebieden.
Voor
wat betreft het wijzigen van kleine landschapselementen (KLE) heb je
ook een natuurvergunning nodig in landschappelijk waardevol agrarisch
gebied en puur agrarisch gebied. De natuurvergunningsplicht geldt
NIET op huiskavels van een vergunde woning of bedrijfsgebouw gelegen
binnen een straal van 100 meter rond het gebouw (dit wordt 50 meter
indien het om een groene bestemming gaat). De natuurvergunning is ook
niet verplicht indien je reeds over een stedenbouwkundige vergunning
beschikt waarbij advies van de Afdeling Natuur van het Ministerie van
de Vlaamse Gemeenschap werd gevraagd (bv voor het kappen van een boom).
Voorts is het ook niet nodig indien de werken kaderen in een
goedgekeurd beheersplan (bv voor een natuurreservaat, bossen) of indien
het gaat om normale onderhoudswerken.
De meldingsplicht geldt NIET:
- in gebieden waarvoor de natuurvergunning voor wijziging van kleine landschapselementen verplicht is;
- in de woongebieden van het gewestplan;
- in de industriegebieden van het gewestplan
In
de praktijk betekent dit dat de meldingsplicht nog enkel van toepassing
is op enkele bijzondere bestemmingszones met beperkte ruimtelijke
draagwijdte.
In andere gevallen dient een kapvergunning
aangevraagd te worden bij het College van Burgemeester en Schepenen
conform de gemeentelijke bouwverordening m.b.t. beplantingen voor het
grondgebied van de gemeente Bierbeek goedgekeurd door de gemeenteraad
dd. 27/06/1996. Zie in bijlage het formulier kapvergunningsaanvraag in
PDF-formaat (1 blz).
Voor meer informatie betreffende het
wijzigen van bijvoorbeeld poelen, graslanden, bomenrijen, enz. kunt u
terecht bij de milieudienst – tel (016) 46 87 87. Indien u zeker bent
van de te volgen procedure kan er steeds een aanvraag tot
natuurvergunning, natuurmelding en kapvergunning met een voorgeschreven
formulier worden gericht aan het college van burgemeester en schepenen.
|
|
|