home nieuws index zoeken contact formulieren stratenplan

Milieu - afval - natuur : Energie : Energietips : Koken




  • Kies kookplaten op de maat van uw gezin. Grote gezinnen hebben er baat bij om te kiezen voor kookplaten waarop grote en/of ovale bakpannen kunnen worden gezet.
  • Het is een waanidee te denken dat iets pas kookt als er veel damp uit de kookpot komt. Water kookt bij een temperatuur van 100°C (op zeeniveau) en hoeveel extra warmte u daarna ook toevoegt, het water zal sneller verdampen, maar altijd 100°C blijven.
  • Kookpotten van een goede kwaliteit hebben een vlakke bodem en geleiden goed de warmte. Vooral dat laatste scheelt in het verbruik.
  • Koken zonder deksel verbruikt veel meer energie dan koken met een deksel. Kook dus alleen zonder deksel als dat nodig is voor de bereiding.
  • Stem de grootte van uw kookpannen af op de inhoud en op de grootte van uw kookplaat.
  • Als een vlam tot aan de zijkant van een kookpan reikt, betekent dit verloren energie en mogelijk ook beschadiging van de handvaten.
  • Gebruik de restwarmte van de kookplaat optimaal door de kookplaat vroeger uit te draaien. De bereiding kan verder garen met de restwarmte. In het begin vergt dit een beetje aandacht maar na een heel korte tijd krijgt u genoeg ervaring om te weten vanaf wanneer u de kookplaat kunt uitdraaien.
  • Een goed onderhoud verlengt de levensduur van uw toestellen.
  • Goed geïsoleerde ovens verbruiken merkelijk minder dan andere. Let daarop bij aankoop. Bovendien hebben goed geïsoleerde ovens meestal dubbel of driedubbel glas. Daardoor blijft de temperatuur aan de buitenkant lager en lopen kinderen minder gevaar.
  • Voor vele bereidingen hoeft u niet te wachten tot de oven volledig op temperatuur is. Tijdens de opwarming van de oven wordt de bereiding dan al voorverwarmd.
  • Een warmeluchtoven is sneller op temperatuur en heeft een grotere warmtespreiding. Dat scheelt in het energieverbruik. Als u gebruik maakt van een warmeluchtoven voor een of andere bereiding, zet er dan zoveel mogelijk andere gerechten bij. Die hoeft u dan niet meer op de kookplaat te bereiden.
  • Open de oven zo weinig mogelijk.
  • Maak optimaal gebruik van de restwarmte. Schakel de oven vroeger uit.
  • Denk na over de plaatsing van uw oven. Zet hem nooit naast een koelkast of een diepvriezer of - als het niet anders kan - zorg dan voor een doorgedreven isolatie tussen beide toestellen.
  • Als u ook nog een conventionele oven hebt, kies dan voor een eenvoudige microgolfoven. Het heeft weinig zin om de bak- en braadfunctie nog een tweede maal te voorzien in de microgolfoven en zo’n standaard toestel verbruikt minder dan een gecombineerd.
  • Om grote hoeveelheden op te warmen in een microgolfoven, spreidt u het voedsel het beste uit in een platte schotel. De golven dringen dan gemakkelijker door tot de kern en daardoor worden de verwarmingstijden ingekort. Datzelfde geldt voor het ontdooien van diepvriesproducten. Een plat pak is sneller ontdooid dan een kubus.
  • Recipiënten die opwarmen in de microgolfoven, slorpen zelf energie op. Een hoger energieverbruik is het resultaat. Hoe warmer het recipiënt, hoe minder geschikt voor gebruik in de microgolfoven. Om een recipiënt te testen, zet u het leeg naast een andere bereiding (een microgolfoven mag immers nooit ‘leeg’ werken) en u controleert na enkele minuten de temperatuur van het recipiënt.
  • Kleine hoeveelheden vloeistof worden zuiniger opgewarmd in de microgolfoven. Grote hoeveelheden verwarmt u het best op een kookplaat.
  • Koken op aardgas of met inductiekookplaten verbruikt het minst energie.
  • Zorg bij elektrisch koken voor kookpannen met een vlakke, onvervormbare bodem.
  • Met een snelkookpan kookt u sneller en bespaart u 40 tot 70% energie, terwijl de voedingswaren meer smaak en vitamines behouden.
  • Kook met zo weinig mogelijk water.
  • Gebruik bij voorkeur een gasoven.
  • Gebruik de oven voor het bereiden van grote hoeveelheden. De microgolfoven is circa de helft zuiniger dan de klassieke oven of het klassieke fornuis wegens de snelheid, behalve voor grote hoeveelheden.