home nieuws index zoeken contact formulieren stratenplan

Milieu - afval - natuur : Natuur : Bermbeheer




Volgens het Bermbesluit van 1984 moeten wegbermen die worden beheerd door publiekrechtelijke personen gemaaid worden na 15 juni en een eventuele tweede maaibeurt na 15 september. Het maaisel moet binnen de 10 dagen worden afgevoerd. Het afvoeren is nodig om de bodem te verarmen. Hierdoor gaan minder gewenste planten zoals brandnetel, kleefkruid en smeerwortel verdwijnen en komen er interessantere planten in de plaats. De ondergrondse plantendelen en houtachtige gewassen mogen niet worden beschadigd. Het gebruik van biociden bij het onderhoud van wegbermen is verboden. De bedoeling van dit besluit is de bodem te verschralen om zo tot bloemrijke bermen te komen.
In 1986 werd door de milieudienst van de gemeente een bermbeheersplan opgesteld. Aan de hand van beschikbare gegevens werd een kaart samengesteld van alle bermen die in de voorgaande jaren werden gemaaid.
Van deze bermen werd een technische fiche gemaakt waarop het profiel van de berm, het type begroeiing en de aanwezigheid van storende elementen werden weergegeven. Aan de hand van deze eerste inventaris werden de bermen ingedeeld in 3 groepen:
  • groep 1: bermen die nooit waardevol zullen worden
  • groep 2: bermen die niet waardevol zijn maar het kunnen worden
  • groep 3: bermen die reeds waardevol zijn
De bermen van groep 2 en 3 werden vervolgens verder geïnventariseerd naar de aanwezige flora. Hiervoor werd een streeplijst gebruikt. Deze lijst werd samengesteld uit planten die representatief zijn voor 5 types bermen nl.:
  • type 1 (zeer voedselrijke bermen): de vegetatie wordt hier gedomineerd door ruigtekruiden;
  • type 2 (normaal voedselrijke bermen): vaak zeer bloemrijke vegetaties, aanleunend bij glanshavervegetaties
  • type 3 (voedselarme bermen): soortenrijke en bloemrijke vegetaties met veel eerder zeldzame soorten
  • type 4 (gestoorde bermen): hier domineren ruderalen en eenjarigen van de vegetatie
  • type 5: (houtige bermen): de kruidachtige vegetatie bestaat hier vaak uit schaduwminnende soorten
De drie eerste types geven een aanduiding van de voedselrijkdom, terwijl de twee laatste types een speciaal beheer vragen onafhankelijk van hun voedselrijkdom.

Aan de hand van deze gegevens werd de maaifrequentie voor iedere berm bepaald, terwijl de maaidatum afgeleid werd van de bloeiperiode van de genoteerde planten. De maaifrequenties en de maaidata van de te maaien bermen werd tenslotte volgens een logisch te volgen route weergegeven op kaart. De smalle bermen langs woonstraten werden niet geïnventariseerd omdat hun ecologische waarde meestal zeer gering is en ze bijgevolg best kunnen gemaaid worden in het begin van de maaiperiode of occasioneel, bijvoorbeeld bij kermissen. De maaidata werd ingedeeld in volgende periodes:
  • vóór 15 juni: gevaarlijke kruispunten, het parcours van de wielerwedstrijd in Bierbeek (één klepelbreedte) en langs fietspaden (één klepelbreedte) volgens noodwendigheid
  • van 15 juni tot 30 juni: bermen met vroege lentebloeiers en bermen met vooral zomerbloeiers die omwille van verkeerstechnische redenen of esthetische redenen niet na de bloei kunnen gemaaid worden
  • van 1 juli tot 31 juli: bermen met lentebloeiers (vervolg)
  • van 1 augustus tot 31 augustus: bermen met vooral late lentebloeiers of vroege zomerbloeiers
  • van 1 september tot 30 september: bermen met zomerbloeiers en (na 15 september) bermen die een tweede maaibeurt krijgen
  • van 1 oktober tot 31 oktober: bermen met late zomerbloeiers en bermen die een tweede maaibeurt krijgen.
Er wordt slechts afgeweken van het maaischema waar de overdadige plantengroei de veiligheid van passerende fietsers en voetgangers in het gedrang brengt. Daar zal de groendienst een maaibreedte van de bermbeplanting op regelmatiger tijden ‘bijknippen’.

In de praktijk wordt volgend schema gehanteerd:
  • juni: Oudebaan, Vengerstraat, Waversesteenweg, Gareelstraat, Kalverweg, Dorpsstraat, Heidestraat, Lindepad, Hoogstraat, Waterstraat, Smisstraat, Pellenbergstraat, Oude Geldenaaksebaan, Witteweg, Stichelweg, Oaselaan, Ruisbroekstraat, Bieststraat, Kerselaarlaan
  • juli: Lovenjoelsestraat, Bierbeekstraat, Korbeek-Losestraat, Katspoelstraat, Stationsstraat, Bruulstraat, Sint-Ermelindisstraat, Kasteelstraat, Kloosterstraat, Eikeboomlaan, Soveneelstraat, Builoogstraat, Herpendaalstraat, Daalstraat, Weg tussen Weiden, Culostraat, Verbrande Toren, Kapelstraat, Velpestraat, Vuilenbosstraat, Keibergstraat, Bisschoppenstraat, Ezelbergstraat, Schoolstraat, Groenstraat, Weterbeekstraat (Bierbeek), Dreefstraat
  • augustus: Opvelpsestraat, Hoegaardsesteenweg, Ridderstraat, Nieuwstraat, Bergenlaan, Bevekomsestraat, Perrestraat, Merbeeksedelleweg, Bruulverkaveling, Wolvenberg, Zwartenhoekstraat, Sint-Joris-Weertstraat Speelpleinstraat, Nieuwe Geldenaaksebaan, Vinaafstraat, Blauwschuurbroekstraat, Varenbergstraat, Latstraat, Langestraat, Merenstraat, Kortstraat, Eikeboomlaan, Eikstraat, Pimberg, Holleweg, Koning Albertlaan, Sterrenlaan
  • september: Krabbesheidestraat, Sint-Kamilluswandeling, Middelbosstraat, Oude Lovenjoelsestraat, Dassenberg, Aarschotsestraat, Dreefstraat, Bergstraat, Zielenbergstraat, Rijsmortelstraat, Noëstraat, Merbeekstraat
  • oktober: Neervelpsestraat, Spiegelbosstraat, Moordenaarsweg, Hazenberg, Bisschoppenstraat, Weterbeekstraat (kant Lovenjoel), Wingeldoorn
Ook u kan helpen de wegbermen te verfraaien door:
  • De wegbermen niet mee te bemesten met de aanpalende velden of tuinen. U bespaart daar overigens geld en moeite mee.
  • Bermen niet met biociden te spuiten. Dit is absoluut verboden door het Bermbesluit.
  • Geen zwerfvuil achter te laten op de bermen. Dit is niet netjes en daarenboven asociaal en gevaarlijk.
Meer informatie bij de milieudienst in het gemeentehuis
tel (016) 46 87 87 - e-mail: milieu@bierbeek.be.